Eigen baas of in loondienst?

Na het afronden van je opleiding breekt een nieuwe fase aan: je gaat aan het werk. Wellicht heb je al bijbaantjes gehad of via een stage kennisgemaakt met een organisatie. De wereld van werk is dynamisch en biedt allerlei mogelijkheden.

Werkvormen: hoe kun je werken

Na je studie heb je verschillende mogelijkheden om aan het werk te gaan. Hieronder staan verschillende opties beschreven.

Traineeship

Een traineeship is een programma voor pas afgestudeerden, waarbij je in een periode van meestal 1 tot 2 jaar verschillende functies en afdelingen binnen een organisatie doorloopt. Gedurende deze tijd krijg je begeleiding van een coach. Het doel is om je op een brede manier op te leiden en je kennis te laten maken met verschillende kanten van de organisatie. Zo ontdek je wat je leuk vindt en waar je goed in bent, wat je helpt bij het vinden van je volgende baan!

In loondienst: voor vast (fulltime of parttime)

Je werkt in dienst van een werkgever met een contract voor onbepaalde tijd (vast dienstverband). Dit biedt vaak werkzekerheid en secundaire arbeidsvoorwaarden zoals pensioenopbouw en vakantiedagen. Dit kan zowel fulltime als parttime zijn, afhankelijk van het aantal afgesproken uren per week. Fulltime is in het bedrijfsleven vaak 40 uur, in andere werkgebieden kan dat 36 of 38 uur per week zijn.

In loondienst: tijdelijk

Een tijdelijk dienstverband is een contract voor een vastgestelde periode, bijvoorbeeld zes maanden of een jaar. Vaak is je eerste contract bij een werkgever tijdelijk. Het biedt minder zekerheid dan een vast contract, maar kan wel een opstap zijn naar een vast dienstverband of je een waardevolle ervaring bieden. Je ziet dit type contract ook vaak bij projectmatig werk, vervanging tijdens ziekte of piekperiodes.

Interim of detachering

Je kunt ook als interim werknemer of via detachering aan de slag. In dat geval werk je tijdelijk voor een ander bedrijf, vaak via een bemiddelingsbureau. Je werkt aan projecten of vervangt medewerkers. Je bent vaak in dienst van het bureau, dat alle afspraken met de opdrachtgever regelt. Je ontvangt je salaris van het bureau, dat vervolgens een factuur stuurt naar de opdrachtgever, inclusief jouw salaris en een extra bedrag voor bemiddeling en administratie. Het bureau verdient op deze manier aan jouw inzet.

Zelfstandige zonder personeel (zzp)

Als zzp'er (ook wel freelancer) werk je zelfstandig zonder vast dienstverband. Bedrijven huren je in voor specifieke opdrachten, en je stuurt hen een factuur als je klaar bent. Dit biedt veel flexibiliteit en de kans om aan verschillende projecten te werken. Het klinkt aantrekkelijk, maar vergeet niet dat je ook ondernemersvaardigheden nodig hebt en geld opzij moet zetten voor belastingen, verzekeringen en je pensioen.

Wil je weten hoe het is om als freelancer te werken?

Ondernemer

Als ondernemer run jij je eigen bedrijf, vaak met de ambitie om het verder te laten groeien. Je kunt dit alleen doen of met personeel. Er zijn verschillende bedrijfsvormen, zoals een eenmanszaak, vennootschap onder firma (vof) of besloten vennootschap (bv). In een vof werk je samen met anderen en deel je de winst, maar ben je ook privé aansprakelijk voor schulden. Bij een bv is het bedrijf zelf verantwoordelijk voor schulden, niet jij als eigenaar. Elke bedrijfsvorm heeft zijn eigen voor- en nadelen, afhankelijk van je doelen en de risico's die je bereid bent te nemen.

Ondernemers en zzp’ers lijken op elkaar: in beide gevallen ben je je eigen baas en bepaal je zelf je opdrachten en werktijden. Er zijn echter ook risico’s. Als het goed gaat kun je meer verdienen, maar bij minder werk draag jij de kosten. En ben je langdurig ziek? Dan kun je niet werken en dus ook geen geld verdienen. Je kunt je hiervoor wel verzekeren, via een arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Bij het onderdeel ‘Na afstuderen’ bij elke opleiding vind je terug welk percentage afstudeerders als zzp’er is gaan werken.

Lees meer over de arbeidsmarkt

Hbo of Wo: Welke carrière kies je?

Er zijn talloze opleidingen, maar nog meer verschillende beroepen. Sommige beroepen, zoals verpleegkundige of arts, vereisen specifieke vaardigheden. Andere beroepen, zoals die van manager of onderzoeker, vragen vooral om meer algemene vaardigheden. Ook het niveau van de opleiding (hbo of wo) kan Invloed hebben op het soort werk dat je doet. Maar wat zijn nu precies de verschillen?

De arbeidsmarkt: dit moet je weten

Fast forward: je bent afgestudeerd en je gaat werken. Dan kom je op de arbeidsmarkt terecht. In Nederland of misschien in het buitenland. Maar wat wordt er eigenlijk bedoeld met ‘de arbeidsmarkt’? En hoe werkt het?